ECLI:NL:GHARN:2011:BQ5854
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schadevergoeding wegens te late klacht over onvoldoende ventilatorcapaciteit
Wijha B.V. leverde aan appellant vier ventilatoren met een capaciteit van 6.610 m3 lucht per uur, terwijl appellant een hogere capaciteit had besteld voor gebruik in konijnenstallen. Appellant stelde dat de ventilatoren niet aan de overeenkomst voldeden en dat de gaten in het dak niet conform opdracht waren aangebracht. Hij betaalde een deel van de factuur niet en vorderde in reconventie schadevergoeding.
De kantonrechter wees de vordering van Wijha toe en wees de schadevergoeding van appellant af. In hoger beroep werd het geschil voortgezet. Appellant klaagde dat de ventilatoren onvoldoende vermogen hadden, maar het hof stelde vast dat dit eenvoudig te controleren was aan de hand van de op de ventilatoren aangebrachte gegevens. Appellant had al bij aflevering moeten klagen, maar deed dit pas na meer dan een half jaar.
Het hof oordeelde dat appellant niet tijdig en op een voor Wijha kenbare wijze had geklaagd, zoals vereist op grond van artikel 7:23 lid 1 BW Pro. Hierdoor werd de klachtplicht geschonden en werd de vordering tot schadevergoeding afgewezen. Ook de overige grieven faalden. Het hof bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter en veroordeelde appellant in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: De vordering tot schadevergoeding wegens te late klacht over onvoldoende ventilatorcapaciteit wordt afgewezen.