ECLI:NL:GHARN:2011:BR0331
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over kinderalimentatie en omgangsregeling na scheiding
Het gerechtshof Arnhem behandelde het hoger beroep van een vrouw tegen een beschikking van de rechtbank Zwolle-Lelystad inzake kinderalimentatie en omgangsregeling voor hun minderjarige kind, geboren in 1998. De vrouw verzocht om een hogere alimentatie en een omgangsregeling waarbij het kind Koninginnedag en Oud en Nieuw bij haar zou doorbrengen. De man stelde een lagere alimentatie voor en wilde de omgangsregeling uitbreiden.
Tijdens de procedure werd het kind gehoord en partijen verschenen met hun advocaten. Het hof nam de eerdere beschikking en de ingediende stukken in overweging. De behoefte van het kind werd vastgesteld op €250 per maand, gebaseerd op het inkomen van de man. De man spaart maandelijks voor het kind en betaalt een oudedagsvoorziening, wat in de draagkrachtberekening werd meegenomen.
Het hof oordeelde dat de nalatenschap van de man nog niet te gelde was gemaakt en dat dit geen invloed had op zijn draagkracht. De vrouw had onvoldoende onderbouwd dat de man inkomsten uit verhuur had. De alimentatie werd vastgesteld op €118 per maand, aansluitend bij de draagkracht van de man en zijn eigen aanbod. De omgangsregeling werd aangepast conform de wens van het kind: Koninginnedag bij de vrouw en Oud en Nieuw om en om bij beide ouders.
De beschikking van de rechtbank werd gedeeltelijk vernietigd en het hof bepaalde de nieuwe alimentatie en omgangsregeling. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De kinderalimentatie wordt vastgesteld op €118 per maand en de omgangsregeling aangepast conform de wens van het kind.