De beoordeling
1. Als gesteld en erkend, dan wel niet voldoende gemotiveerd betwist, alsmede op grond van de niet bestreden inhoud der overgelegde bescheiden, staat voorshands het volgende genoegzaam tussen partijen vast:
- [appellant] huurde vanaf juni 2004 een gedeelte van het[adres 1]] te [plaats] als woning.
- Bedoeld pand was aanvankelijk eigendom van [X]. Deze heeft het pand verkocht aan [B.V. Y] Laatstgenoemde heeft het pand verkocht aan [geïntimeerde].
- [geïntimeerde] is op 26 februari 2008 eigenaar van het pand geworden. Kort nadien heeft hij de woning voorzien van andere sloten, waardoor het [appellant] onmogelijk werd gemaakt de woning te betreden. Aan verzoeken van [appellant] om hem weer toegang tot de woning te verschaffen heeft [geïntimeerde] geen gehoor gegeven.
- Bij exploot d.d. 25 maart 2008 heeft [appellant] [geïntimeerde] in kort geding gedagvaard voor de voorzieningenrechter te Lelystad. [appellant] vorderde veroordeling van [geïntimeerde] om hem op straffe van een dwangsom binnen 24 uur na betekening van het te wijzen vonnis onbelemmerde toegang te verschaffen tot het gehuurde.
- [geïntimeerde] heeft vervolgens in reconventie de ontruiming van het gehuurde gevorderd.
- Bij kort geding vonnis d.d. 9 april 2008 heeft de voorzieningenrechter de vordering van [appellant] afgewezen en de door [geïntimeerde] gevorderde ontruiming toegewezen, met veroordeling van [appellant] in de kosten van de procedure in conventie en in reconventie.
- Bij exploot d.d. 17 april 2008 heeft [geïntimeerde] voormeld vonnis aan [appellant] doen betekenen met bevel binnen 14 dagen tot ontruiming over te gaan. Ontruiming heeft binnen die termijn feitelijk ook plaats gevonden.
- [appellant] heeft hoger beroep tegen het vonnis d.d. 9 april 2008 ingesteld.
- Bij arrest d.d. 24 maart 2009 heeft het hof het bestreden vonnis in conventie bekrachtigd (geen grieven) en in reconventie vernietigd, met veroordeling van [geïntimeerde] in de kosten van de procedure in reconventie in eerste aanleg en volledige compensatie van de kosten in hoger beroep.
- [appellant] heeft de huur over de maand maart 2008 niet betaald.
- [geïntimeerde] heeft [appellant] vervolgens bij exploot van 29 juli 2008 gedagvaard voor de kantonrechter en gevorderd de huurovereenkomst te ontbinden en [appellant] te veroordelen tot betaling van de achterstallige huurtermijnen (tot 1 juli 2008) c.a.
- [appellant] heeft verweer gevoerd en heeft in reconventie zijnerzijds ontbinding van de huurovereenkomst gevorderd, met veroordeling van [geïntimeerde] tot betaling van een schadevergoeding ad € 10.000,--, althans een in redelijke justitie vast te stellen bedrag, ter zake van het hem sedert 1 maart 2008 ontnomen huurgenot en de door hem gemaakte kosten van verhuizing.
- Bij het vonnis waarvan beroep heeft de kantonrechter de door beide partijen gevorderde ontbinding per 12 mei 2009 toegewezen en [appellant] veroordeeld aan [geïntimeerde] een bedrag groot € 2.400,-- te betalen wegens achterstallige huurpenningen (april tot en met juli 2008 ad € 600,-- per maand) alsmede tot betaling van de huurpenningen ad € 600,-- per maand van 1 augustus 2008 tot 12 mei 2009, te vermeerderen met wettelijke rente. De vordering in reconventie is afgewezen. [appellant] is veroordeeld in de kosten van de procedure in conventie en in reconventie.