ECLI:NL:GHARN:2011:BT6918
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verlaagd accijnstarief voor bier wegens gebrek aan onafhankelijkheid
Belanghebbende, een bierbrouwerij zonder eigen brouwinstallaties, liet bier brouwen bij een grote Duitse brouwerij en betaalde accijns tegen het reguliere tarief. Zij maakte bezwaar tegen de accijnsbetaling en stelde recht te hebben op het verlaagde tarief voor kleine brouwerijen. De Inspecteur en Rechtbank wezen dit af, waarna belanghebbende hoger beroep instelde.
Het Hof oordeelde dat het hoger beroep ontvankelijk was omdat belanghebbende aannemelijk had gemaakt dat het hogerberoepschrift tijdig ter post was bezorgd. Vervolgens beoordeelde het Hof het geschil inhoudelijk. Volgens artikel 7 van Pro de Wet op de accijns en de Europese Richtlijn 92/83/EEG geldt het verlaagde tarief alleen voor brouwerijen die juridisch en economisch onafhankelijk zijn en gebruik maken van fysiek gescheiden installaties.
Belanghebbende maakte gebruik van de installaties van de grote Duitse brouwerij en was daardoor niet onafhankelijk qua productiestructuur. Dit leidde tot de conclusie dat zij niet voldeed aan de voorwaarden voor het verlaagde tarief. Ook het argument dat zij aanspraak kon maken op het Duitse lagere tarief faalde. Het Hof bevestigde daarom de uitspraak van de Rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen omdat belanghebbende niet voldoet aan de voorwaarden voor het verlaagde accijnstarief voor kleine brouwerijen.