ECLI:NL:GHARN:2011:BU3603
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- H. de Hek
- M.E.L. Fikkers
- R.A. Zuidema
- Rechtspraak.nl
Ontslag tijdens proeftijd niet rechtsgeldig wegens late ontvangst ontslagaanzegging
In deze zaak stond centraal of het ontslag van appellant tijdens de proeftijd rechtsgeldig was. Appellant trad op 2 februari 2009 in dienst met een proeftijd van een maand. Op 27 februari 2009 stuurden geïntimeerden een brief waarin het ontslag tijdens de proeftijd werd aangezegd. Appellant stelde echter dat hij deze brief pas op 10 maart 2009 ontving, na het verstrijken van de proeftijd.
De kantonrechter wees de vordering van appellant af, maar het hof oordeelde anders. Het hof stelde dat voor een geldig ontslag tijdens de proeftijd de ontslagaanzegging tijdig, binnen de proeftijd, moet zijn ontvangen. Geïntimeerden konden niet aantonen dat de brief tijdig was ontvangen. Daarom werd het ontslag als niet rechtsgeldig beschouwd.
Het hof kende appellant loon toe vanaf 2 maart 2009 tot 8 juni 2009, met vakantietoeslag, wettelijke verhoging en rente. Vanaf 8 juni 2009 mocht geïntimeerden loondoorbetaling opschorten omdat appellant niet op het werk verscheen. Daarnaast werd een vergoeding voor zeven niet-genoten vakantiedagen toegekend. Het vonnis van de kantonrechter werd vernietigd en het hoger beroep van appellant werd gegrond verklaard.
Uitkomst: Het ontslag tijdens de proeftijd is niet rechtsgeldig verklaard en appellant krijgt loon en vakantiedagenvergoeding toegekend tot 8 juni 2009.