ECLI:NL:GHARN:2011:BV0375
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanslag inkomstenbelasting en heffingsrente bij afkoop kapitaalverzekering met lijfrenteclausule
Belanghebbende had in 2007 een kapitaalverzekering met lijfrenteclausule afgekocht en de afkoopsom niet opgenomen in de aangifte inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen (IB/PVV). De Inspecteur corrigeerde de aangifte en legde aanslag inclusief heffingsrente op. De Rechtbank Arnhem oordeelde deels in het voordeel van belanghebbende door de heffingsrente te verminderen, maar handhaafde de aanslag.
Belanghebbende stelde in hoger beroep dat de premie op de afkoopsom in mindering moest worden gebracht omdat deze niet eerder was afgetrokken, en dat de Belastingdienst hem had moeten informeren over het bewaren van de aangifte. Tevens betoogde hij dat de heffingsrente geheel moest vervallen wegens vertraagde correctie door de Belastingdienst.
Het hof oordeelde dat het elektronisch ingediende beroepschrift ontvankelijk was en bevestigde dat de saldomethode van toepassing is, waarbij de premie in aftrek kan worden gebracht indien aannemelijk is dat deze niet eerder is afgetrokken. Belanghebbende kon dit niet aantonen vanwege het ontbreken van de aangifte en ander bewijs, waardoor de premie niet in mindering kon worden gebracht.
Verder stelde het hof vast dat de aanslag tijdig was opgelegd en dat het zorgvuldigheidsbeginsel geen aanleiding gaf tot vermindering van de heffingsrente. De Belastingdienst was niet verplicht belanghebbende te informeren over het bewaren van de aangifte. Het verzoek om kostenvergoeding werd afgewezen omdat dit niet tijdig was ingediend.
Het hof bevestigde daarmee de uitspraak van de Rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.