ECLI:NL:GHARN:2012:BV0470
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep kort geding
- V. van den Brink
- P.H. van Ginkel
- Ch.E. Bethlem
- Rechtspraak.nl
Afwijzing inzage medisch dossier ter toetsing rechtsgeldigheid testament
In deze zaak vordert appellant inzage in het medisch en verpleegkundig dossier van zijn overleden vader om de rechtsgeldigheid van een testament aan te vechten. De voorzieningenrechter had deze vordering reeds afgewezen vanwege het medisch beroepsgeheim en het ontbreken van zwaarwegende belangen.
Het hof bevestigt dat Aveant Thuishulp niet de juiste partij is voor de vordering, maar richt zich op de vordering jegens de andere geïntimeerde. Appellant stelt dat zijn vader ten tijde van het testament geestelijk onbekwaam was, maar het hof vindt geen voldoende concrete aanwijzingen hiervoor. De notaris die het testament heeft gepasseerd verklaart dat de overledene wilsbekwaam was, en deze verklaring wordt als een sterke aanwijzing gezien.
Verder wordt het beroep op het notariële tuchtrecht niet als zwaarwegend belang erkend. Ook de stellingen over dementie en verwardheid worden niet voldoende onderbouwd geacht. Het hof oordeelt dat het medisch beroepsgeheim slechts doorbroken kan worden bij zwaarwegende belangen, die hier ontbreken. De vorderingen tot inzage worden daarom afgewezen en het vonnis van de voorzieningenrechter wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering tot inzage in het medisch dossier af en bekrachtigt het vonnis van de voorzieningenrechter.