ECLI:NL:GHARN:2012:BV2113
Gerechtshof Arnhem
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Belastingplichtige gebonden aan ter zitting gesloten compromis in naheffingsaanslag omzetbelasting
Belanghebbende, een vennootschap onder firma die detailhandel in antiek en diverse artikelen exploiteerde, kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd over de jaren 2003 tot en met 2006, inclusief een vergrijpboete en heffingsrente. Na bezwaar werd de aanslag verminderd, maar belanghebbende ging in beroep bij de rechtbank Arnhem. Tijdens de behandeling bij de rechtbank sloten partijen een compromis waarbij de aanslag, boete en rente werden vernietigd en proceskosten werden vergoed.
Belanghebbende stelde in hoger beroep dat zij zich op dwaling mocht beroepen en niet gebonden was aan het compromis. Het hof oordeelde dat het compromis duidelijk en bepaalbaar was en dat de gemachtigde van belanghebbende ter zitting voldoende gelegenheid had gehad om de gevolgen te overzien. Er was geen sprake van wederzijdse dwaling die het compromis nietig zou maken.
Het hof verwierp het beroep op dwaling, ook omdat de stelling dat de zitting 'voorgebakken' was onvoldoende was om het compromis aan te tasten. Daarmee was belanghebbende gebonden aan het compromis en kon niet worden toegekomen aan de vraag over integrale proceskostenvergoeding. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt dat belanghebbende gebonden is aan het ter zitting gesloten compromis en wijst het beroep op dwaling af.