ECLI:NL:GHARN:2012:BV3129

Gerechtshof Arnhem

Datum uitspraak
12 januari 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
P11/0241
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 75 SrArtikel 67 Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid OM in verlenging terbeschikkingstelling wegens overlijden terbeschikkinggestelde

Het gerechtshof Arnhem heeft op 12 januari 2012 uitspraak gedaan in hoger beroep tegen beslissingen van de rechtbank 's-Hertogenbosch betreffende de verlenging van een terbeschikkingstelling (TBS).

De terbeschikkinggestelde was overleden op een datum kort voor de zitting, zoals bevestigd door een brief van de kliniek aan het Ministerie van Veiligheid en Justitie. Op grond van artikel 75 van Pro het Wetboek van Strafrecht vervalt het recht tot uitvoering van de maatregel bij overlijden van de terbeschikkinggestelde.

Het hof vernietigde daarom de eerdere beslissingen van de rechtbank die de verlenging van de TBS betroffen en verklaarde het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in zijn vordering tot verlenging van de maatregel. De raadsheren waren niet in staat de beslissing mede te ondertekenen vanwege het overlijden van de terbeschikkinggestelde.

De advocaat-generaal was aanwezig en ondersteunde het standpunt van niet-ontvankelijkheid, terwijl de raadsman van de terbeschikkinggestelde niet was verschenen.

Uitkomst: Het hof verklaart het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in de vordering tot verlenging van de terbeschikkingstelling wegens overlijden van de terbeschikkinggestelde.

Uitspraak

TBS P11/0241
Beslissing d.d. 12 januari 2012
De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van
[terbeschikkinggestelde],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],
overleden te [plaats van overlijden] op [datum van overlijden],
voorheen verblijvende in [kliniek].
Het beroep is ingesteld tegen de beslissingen van de rechtbank 's-Hertogenbosch van
22 oktober 2010 respectievelijk van 23 mei 2011, houdende verlenging van de terbeschikkingstelling met een jaar respectievelijk de beslissing dat er geen termen zijn om de verpleging van overheidswege voorwaardelijk te beëindigen.
Het hof heeft gelet op de stukken, waaronder:
- de tussenbeslissing van het hof van 26 september 2011;
- het faxbericht van [kliniek] aan het hof van 16 december 2011, met als bijlage een kopie van de melding bijzonder voorval aan het Ministerie van Veiligheid en Justitie van 1 december 2011;
- de ID-staat SKDB d.d. 15 december 2011.
Het hof heeft ter zitting van 12 januari 2012 gehoord de advocaat-generaal mr E.J. Julsing-Nijenhuis. De raadsman van de terbeschikkinggestelde, mr J.Y. Taekema, advocaat te
’s-Gravenhage, is niet verschenen.
Overwegingen
Blijkens de brief van [kliniek] aan het Ministerie van Veiligheid en Justitie van 1 december 2011 is de terbeschikkinggestelde op [datum van overlijden] overleden. Ingevolge artikel 75 van Pro het Wetboek van Strafrecht is derhalve het recht tot uitvoering van de maatregel vervallen en zal het hof de beslissingen waarvan beroep vernietigen en het openbaar ministerie niet-ontvankelijk verklaren in zijn vordering tot verlenging, overeenkomstig het standpunt van de advocaat-generaal.
Beslissing
Het hof:
Vernietigt de beslissingen van de rechtbank 's-Hertogenbosch van 22 oktober 2010 en 23 mei 2011met betrekking tot de terbeschikkinggestelde [terbeschikkinggestelde].
Verklaart het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in zijn vordering tot verlenging van de ter beschikkingstelling.
Aldus gedaan door
mr Y.A.J.M. van Kuijck als voorzitter,
mr E.A.K.G. Ruys en mr B.F.A. van der Krabben als raadsheren,
en drs. R. Poll en drs. M. van Weers als raden,
in tegenwoordigheid van mr I.H.A. Bijl als griffier,
en op 12 januari 2012 in het openbaar uitgesproken.
De raden zijn buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.