ECLI:NL:GHARN:2012:BX6145
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- W.L. Valk
- M.G.W.M. Stienissen
- F.J.P. Lock
- L.L.M. de Lorijn
- H.K.C. Roelofsen
- Rechtspraak.nl
Vordering tot schriftelijke vastlegging van pachtovereenkomst tegen voormalige eigenaar
In deze civiele zaak vorderen appellanten de schriftelijke vastlegging van een pachtovereenkomst met betrekking tot landbouwpercelen, die zij sinds 1999 gebruiken. De pachtovereenkomst is betwist door de geïntimeerde, de voormalige eigenaar van de percelen, die inmiddels eigendom heeft overgedragen aan haar zoon.
De rechtbank wees de vorderingen af op grond van onaanvaardbaarheid naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid. In hoger beroep staat de ontvankelijkheid van de vorderingen en het belang van appellanten centraal, mede vanwege het gezag van gewijsde ten opzichte van de nieuwe eigenaar.
Het hof oordeelt voorlopig dat de vorderingen ook tegen de voormalige eigenaar kunnen worden ingesteld en dat het gezag van gewijsde niet zonder meer geldt tegenover de nieuwe eigenaar, aangezien het geding niet ten tijde van de eigendomsoverdracht aanhangig was. De zaak wordt aangehouden en een comparitie van partijen wordt gelast om nadere inlichtingen in te winnen en een minnelijke regeling te beproeven.
Uitkomst: Het hof gelast een comparitie van partijen en houdt de zaak aan voor nadere behandeling.