ECLI:NL:GHARN:2012:BY3100
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Executiegeschil over herstelwerkzaamheden en dwangsommen na arbitraal vonnis
In deze zaak staat een executiegeschil centraal over de uitvoering van herstelwerkzaamheden aan een woning en de verbeurde dwangsommen uit een arbitraal vonnis. De aannemer HSB en onderaannemer Acro werden veroordeeld tot herstel binnen een termijn van vier maanden na betekening van het vonnis, met een dwangsom van €5.000 per dag bij niet-naleving.
De appellant, eigenaar van de woning, betwist dat het herstel volledig en volgens de eisen van goed en deugdelijk werk is uitgevoerd en vordert schorsing van de executie van de dwangsommen. Het hof stelt vast dat HSB de herstelwerkzaamheden voldoende voortvarend heeft uitgevoerd, mede doordat de appellant niet continu medewerking verleende en de sleutel slechts in bepaalde periodes ter beschikking stelde.
Hoewel er discussie bestaat over enkele herstelpunten, is onvoldoende aannemelijk gemaakt dat HSB niet aan de veroordeling heeft voldaan. Het hof oordeelt dat het doel en de strekking van het arbitraal vonnis zijn bereikt en dat de appellant misbruik zou maken van zijn executiebevoegdheid indien hij de dwangsommen zou kunnen innen. Het vonnis van de voorzieningenrechter wordt bekrachtigd en de appellant wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof schorst de executie van de dwangsommen omdat de aannemer voldoende voortvarend heeft gewerkt en de herstelwerkzaamheden naar de norm van goed en deugdelijk werk zijn uitgevoerd.