ECLI:NL:GHDHA:2013:BZ6051
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over recht op verhuiskostenvergoeding bij renovatie sociale huurwoning
Appellant huurt een sociale huurwoning van Poort 6, een toegelaten instelling, die een grootschalige renovatie uitvoert aan het complex. De renovatie omvat zowel collectieve als individuele werkzaamheden, waarbij verhuizing noodzakelijk werd geacht. Appellant, ernstig visueel gehandicapt, maakte gebruik van een douchewoning tijdens de renovatie.
De rechtbank wees de vordering van appellant tot betaling van de forfaitaire verhuiskostenvergoeding ex artikel 11g BBSH af, omdat niet was vastgesteld dat verhuizing noodzakelijk was. Appellant ging in hoger beroep en stelde dat vanwege zijn handicap en de aard van de werkzaamheden verhuizing wel noodzakelijk was.
Het hof oordeelde dat de renovatie inderdaad verhuizing noodzakelijk maakte, ook voor appellant gezien zijn bijzondere omstandigheden. Het hof veroordeelde Poort 6 tot betaling van de verhuiskostenvergoeding, waarbij in mindering werd gebracht de reeds betaalde ongemakkenvergoeding, vergoeding herinrichtingskosten en een redelijke vergoeding voor het gebruik van de douchewoning. Het arrest vernietigt het vonnis van de rechtbank en veroordeelt Poort 6 in de kosten van beide instanties.
Uitkomst: Poort 6 wordt veroordeeld tot betaling van de forfaitaire verhuiskostenvergoeding aan appellant, verminderd met reeds betaalde vergoedingen en een redelijke vergoeding voor het gebruik van de douchewoning.