ECLI:NL:GHDHA:2013:CA1958
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- A. Kuijer
- M.I. Veldt-Foglia
- T.J.P. van Os van den Abeelen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens illegaal verblijf als ongewenst vreemdeling in Nederland
Op 2 augustus 2011 werd verdachte aangehouden in Rotterdam omdat hij zich voordeed als een andere persoon en geen geldig legitimatiebewijs kon tonen. Hij was tot ongewenst vreemdeling verklaard en verbleef illegaal in Nederland. De verdediging voerde onder meer onrechtmatigheid van de aanhouding en schending van het consultatierecht aan.
Het hof oordeelde dat de aanhouding rechtmatig was en dat het recht op rechtsbijstand door de politie was geschonden doordat verdachte ten onrechte werd geïnformeerd dat hij de kosten van een advocaat zelf moest betalen, waardoor hij afzag van consultatie. Dit vormverzuim leidde tot strafvermindering.
De Terugkeerrichtlijn was van toepassing maar de ongewenstverklaring was niet onrechtmatig, ook niet wegens overschrijding van de duur van het inreisverbod. Verdachte had onvoldoende inspanningen geleverd om Nederland te verlaten en er was geen sprake van overmacht.
Gelet op de ernst van het feit en recidive legde het hof een gevangenisstraf van 4 maanden op, verminderd met 2 maanden vanwege het verzuim, zodat de straf 2 maanden bedraagt. Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en deed opnieuw recht.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 2 maanden gevangenisstraf wegens illegaal verblijf als ongewenst vreemdeling, met strafvermindering vanwege schending van het recht op rechtsbijstand.