De rechtbank Gelderland heeft een 41-jarige man veroordeeld tot een gevangenisstraf van 4 maanden wegens diefstal van levensmiddelen, bedreiging en belediging van aspirant-politieambtenaren, en het als ongewenst vreemdeling verblijven in Nederland. Verdachte verbleef op 7 april 2014 in Nederland terwijl hij wist dat hij tot ongewenst vreemdeling was verklaard. Daarnaast bedreigde hij op 11 juni 2014 twee aspirant-politieambtenaren met de woorden "ik maak je/jullie dood" en beledigde hij hen met grove taal en door in het gezicht te spugen.
De verdediging voerde aan dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moest worden verklaard vanwege onvoldoende vertrektijd na detentie en de verouderde ongewenstverklaring. De rechtbank verwierp deze verweren, stellende dat verdachte niet aannemelijk had gemaakt dat hij buiten zijn schuld niet kon vertrekken en dat de vijfjaarsperiode van het inreisverbod pas gaat lopen vanaf het moment dat Nederland is verlaten.
Het bewijs werd als wettig en overtuigend beoordeeld, en verdachte werd strafbaar verklaard voor alle feiten. Gezien zijn recidive en eerdere veroordelingen achtte de rechtbank een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend. De opgelegde straf houdt rekening met de ernst van de feiten en de persoonlijke omstandigheden van verdachte.
De rechtbank verklaarde verdachte schuldig aan diefstal, het verblijven als ongewenst vreemdeling, bedreiging en eenvoudige belediging van ambtenaren en veroordeelde hem tot 4 maanden gevangenisstraf, met aftrek van voorarrest.