ECLI:NL:GHDHA:2013:CA2525
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- U.E. Tromp
- J.T. Sanders
- W.M.G. Visser
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep motorrijtuigenbelasting: tarief personenauto of vrachtauto
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de motorrijtuigenbelasting die was berekend volgens het tarief voor een personenauto, terwijl zij de auto als vrachtauto gebruikte en deze ook als zodanig was geregistreerd. De Inspecteur wijzigde de fiscale kwalificatie van de auto naar personenauto, waarna belanghebbende beroep instelde bij de rechtbank, die het beroep ongegrond verklaarde.
In hoger beroep bij het Gerechtshof Den Haag stond centraal of de auto terecht werd belast tegen het personenautotarief. Het hof stelde vast dat de auto een achterbank met bevestigingspunten heeft en dat het vervoer van personen niet ondergeschikt is aan het vrachtvervoer. Het gebruik van de auto als bedrijfsauto voor zowel vervoer van vracht als personen deed hier niet aan af.
Het hof oordeelde dat de Inspecteur in een vergelijkbare zaak een andere belanghebbende wel het vrachtautotarief had toegestaan, waardoor sprake was van ongelijke behandeling en schending van het gelijkheidsbeginsel. Daarom moest belanghebbende dezelfde behandeling krijgen, wat resulteerde in vernietiging van de eerdere uitspraken en toekenning van een teruggaaf van € 940.
Daarnaast oordeelde het hof dat het rechtszekerheids- en vertrouwensbeginsel niet aan de zijde van belanghebbende stonden, omdat de Inspecteur tijdig had kenbaar gemaakt de fiscale kwalificatie te wijzigen en belanghebbende de mogelijkheid had gekregen de auto aan te passen. De Inspecteur werd veroordeeld in de proceskosten en moest het betaalde griffierecht vergoeden.
Uitkomst: Het hof vernietigt eerdere uitspraken en kent belanghebbende een teruggaaf van € 940 toe wegens onterechte heffing motorrijtuigenbelasting tegen het personenautotarief.