ECLI:NL:GHDHA:2014:2636
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens termijnoverschrijding bij beëindiging schuldsaneringsregeling
De rechtbank Den Haag had de schuldsaneringsregeling van appellant tussentijds beëindigd omdat hij zijn verplichtingen niet nakwam en de uitvoering van de regeling frustreerde. Appellant stelde hoger beroep in tegen dit vonnis, maar diende het beroepschrift buiten de wettelijke termijn in.
Het hof behandelde uitsluitend de ontvankelijkheid van het hoger beroep. Volgens artikel 351 lid 1 Fw Pro moet het beroepschrift binnen acht dagen na uitspraak van het vonnis worden ingediend. De termijn verstreek op 18 oktober 2013, terwijl het beroepschrift pas op 24 oktober 2013 werd ontvangen. Appellant voerde aan dat het vonnis hem te laat had bereikt door een fout van PostNL, maar erkende ook dat hij wist dat hij binnen twee weken een vonnis kon verwachten en dat hij zelf navraag had kunnen doen.
Het hof oordeelde dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was, mede vanwege het ontbreken van voldoende omstandigheden die dit konden rechtvaardigen. Daarom verklaarde het hof appellant niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep tegen het vonnis van 10 oktober 2013.
Uitkomst: Appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep wegens niet-tijdige indiening van het beroepschrift.