ECLI:NL:GHDHA:2014:2704
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek rogatoire commissie voor getuigenverhoor in Hong Kong
Lidl Nederland GmbH verzocht het Gerechtshof Den Haag om een rogatoire commissie in te stellen voor het horen van een belangrijke getuige, de heer betrokken, die in Hong Kong woont en werkt. De wederpartij, Distributie Unit c.s., verzette zich tegen dit verzoek, stellende dat Lidl haar recht om de getuige te horen had verwerkt en dat het verzoek misbruik van bevoegdheid was.
Het hof overwoog dat de hoofdregel is dat getuigen door de rechter die de zaak behandelt worden gehoord, mede om een eigen oordeel te kunnen vormen over de geloofwaardigheid. Hoewel erkend werd dat de getuige een belangrijke rol heeft en bezwaren had tegen reizen naar Nederland vanwege zijn veeleisende functie, achtte het hof deze bezwaren onvoldoende zwaarwegend om af te wijken van de hoofdregel.
Het hof wees erop dat de getuige niet aannemelijk had gemaakt niet bereid te zijn naar Nederland te komen en dat een efficiënte planning het tijdsbeslag zou kunnen beperken. Ook de extra kosten van reizen werden niet als zwaarwegend beschouwd. Het verzoek tot tussentijds cassatieberoep werd afgewezen vanwege mogelijke vertraging.
De zaak werd verwezen naar een volgende rolzitting voor nadere afstemming over het alsnog horen van de getuige in Nederland. Het hof handhaafde een terughoudend beleid ten aanzien van rogatoire commissies, mede vanwege de vertraging en kosten voor de wederpartij.
Uitkomst: Het verzoek tot het instellen van een rogatoire commissie voor het horen van de getuige in Hong Kong is afgewezen.