ECLI:NL:GHDHA:2014:4614
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor invoer van kleine hoeveelheid cocaïne binnen groot drugstransport
De verdachte werd in hoger beroep veroordeeld voor de invoer van één blikje cocaïne van ongeveer 300 gram, in plaats van de grotere partij van circa 1650 kilogram. Het hof stelde vast dat de betrokkenheid van de verdachte pas kon worden vastgesteld nadat het grootste deel van de partij reeds in beslag was genomen. De handelingen van verdachte betroffen daarom slechts het kleine blikje, maar de omstandigheden maakten duidelijk dat hij deel uitmaakte van een criminele organisatie die grote partijen cocaïne invoerde.
De verdachte fungeerde als betrouwbare transporteur binnen een internationaal netwerk, met contacten en verantwoordelijkheden voor het wegwerken van de deklading. Hoewel niet veroordeeld voor de invoer van de grote partij, droeg hij bij aan het criminele circuit dat de volksgezondheid bedreigt en maatschappelijke onrust veroorzaakt.
Het hof hield rekening met de ernst van de feiten, de persoonlijke omstandigheden van verdachte en het feit dat hij niet eerder voor soortgelijke feiten was veroordeeld. Vanwege de schending van de redelijke termijn werd de straf met 15% verminderd tot 3 jaar en 4 maanden gevangenisstraf. Een geldboete werd niet passend geacht.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 3 jaar en 4 maanden gevangenisstraf voor invoer van circa 300 gram cocaïne.