Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
BESCHIKKING
[verzoeker],
€ 16.000,- (zestienduizend EURO).
Gerechtshof Den Haag
De verzoeker werd door het gerechtshof Den Haag vrijgesproken van de ten laste gelegde feiten, nadat het hof het vonnis van de rechtbank had vernietigd. Na deze vrijspraak vroeg verzoeker een schadevergoeding voor de periode dat hij in verzekering en voorlopige hechtenis verbleef zonder dat een straf of maatregel werd opgelegd.
De advocaat-generaal verzocht tot afwijzing van het verzoek of tot matiging van de vergoeding, stellende dat verzoeker mede verantwoordelijk was voor het ontstaan en voortduren van de verdenking. Het hof volgde dit niet en oordeelde dat geen sprake was van misbruik van rechten of onbillijkheid jegens verzoeker.
Het hof achtte gronden van billijkheid aanwezig en kende een schadevergoeding van €16.000 toe voor de tijd dat verzoeker onterecht vastzat. De beschikking werd op 1 mei 2015 in het openbaar uitgesproken en de betaling werd bevolen ten laste van de Staat der Nederlanden.
Uitkomst: Het hof kent verzoeker een schadevergoeding van €16.000 toe voor de onterechte voorlopige hechtenis.