ECLI:NL:GHDHA:2015:2963
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis wegens wederrechtelijke toeëigening met geweld en zwaar lichamelijk letsel
De verdachte werd ten laste gelegd dat hij op of omstreeks 20 september 2014 te 's-Gravenhage wederrechtelijk een tas met inhoud heeft weggenomen van de benadeelde partij. Deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en gevolgd door geweld en bedreiging met geweld, waaronder het tonen van een mes en het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel in de vorm van een diepe snijwond en een blijvend litteken in het gezicht van het slachtoffer.
In eerste aanleg werd de verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie jaren met aftrek van voorarrest, alsmede werd een schadevergoedingsmaatregel opgelegd. Tegen dit vonnis stelde de verdachte hoger beroep in.
Het hof heeft het onderzoek in hoger beroep verricht op 21 augustus 2015 en heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en de verdediging. Na beoordeling van de zaak heeft het hof geen aanleiding gezien om af te wijken van het vonnis van de rechtbank en bevestigt het vonnis.
Het arrest is uitgesproken op 4 september 2015 door de meervoudige kamer van het Gerechtshof Den Haag en betreft een zaak waarin de ernst van het geweld en het letsel zwaar heeft meegewogen in de strafoplegging.
Uitkomst: Het hof bevestigt de veroordeling van verdachte tot drie jaar gevangenisstraf wegens wederrechtelijke toeëigening met geweld en zwaar lichamelijk letsel.