Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Beschikking van 6 september 2016
Licorne Petroleum Holding B.V.,
Licorne Petroleum Nederland B.V.,
de griffier van het gerechtshof te Den Haag,
Het geding
De griffier heeft een verweerschrift ingediend.
Gerechtshof Den Haag
Opposanten kwamen in verzet tegen de beslissing van de griffier om het griffierecht in een hoger beroepsprocedure te verhogen van € 1.937,-- naar € 5.160,-- na een vermeerdering van eis in reconventie. Zij stelden dat deze verhoging onterecht was omdat de eiswijziging in reconventie geen grond zou zijn voor een hogere griffierechtheffing.
Het hof oordeelde dat het hoger beroep zowel betrekking had op de uitspraak in conventie als in reconventie, zoals blijkt uit de dagvaarding van Vlietstroom c.s. Het beroep op de oude Handleiding tarieven in burgerlijke zaken (Wtbz) faalde omdat deze was vervangen door de Handleiding Wet griffierechten burgerlijke zaken (Wgbz), waarin expliciet is geregeld dat bij hoger beroep tegen beide uitspraken het griffierecht wordt vastgesteld op basis van de gecombineerde vorderingen.
Het hof benadrukte dat artikel 4 lid 2 Wgbz Pro weliswaar geen griffierecht heft voor het instellen van een eis in reconventie in eerste aanleg, maar dat dit niet betekent dat in hoger beroep de reconventionele vordering buiten beschouwing blijft. Het verzet werd daarom ongegrond verklaard en de verhoging van het griffierecht bevestigd.
Uitkomst: Het hof verklaart het verzet tegen de verhoging van het griffierecht ongegrond.