De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld wegens diefstal van €50 uit een pinautomaat in een Albert Heijn-filiaal te 's-Gravenhage op 23 maart 2015. In hoger beroep heeft het hof het vonnis van de politierechter vernietigd en opnieuw recht gedaan.
Het hof acht bewezen dat de verdachte met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening het briefje van €50 uit de gleuf van de pinautomaat heeft weggenomen, ondanks het verweer dat zij dit niet met die intentie deed. De verklaring van de verdachte dat zij in de war raakte door de agressieve benadering van de aangever werd niet ondersteund door camerabeelden en verworpen.
Het hof baseerde zijn oordeel op de camerabeelden waarop een snelle handbeweging richting de jaszak van de verdachte te zien was, hetgeen getuigt van het oogmerk tot toe-eigening. De verdachte werd veroordeeld tot een geldboete van €200, bij gebreke van betaling te vervangen door vier dagen hechtenis. De straf is vastgesteld rekening houdend met de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte.