Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest d.d. 20 december 2016
Het geding
Beoordeling van het hoger beroep
Beslissing
- € 314,- griffierecht;
- € 1.788,- salaris advocaat.
Gerechtshof Den Haag
Na echtscheiding hebben partijen gezamenlijk gezag over de minderjarige. De rechtbank Amsterdam bepaalde een zorgregeling waarbij de man omgang heeft met de minderjarige. De vrouw vordert in hoger beroep schorsing van deze zorgregeling wegens vermeende ernstige nadelige gevolgen voor de minderjarige en stelt dat de omgang spanningen veroorzaakt en niet in het belang is van het kind.
De vrouw baseert haar vordering op gebeurtenissen uit het verleden, waaronder een poging tot ontvoering en huiselijk geweld, en stelt dat de omgang leidt tot spanningsklachten bij de minderjarige. De man betwist deze beschuldigingen en benadrukt zijn wens om een band met het kind op te bouwen. De bijzondere curator en de raad voor de kinderbescherming rapporteren een zorgelijke situatie maar adviseren onbegeleide omgang.
Het hof oordeelt dat de bestaande zorgregeling in beginsel nagekomen moet worden en dat geen nieuwe feiten of juridische misslagen zijn gebleken die schorsing rechtvaardigen. Het hof neemt de gronden van de voorzieningenrechter over en wijst de grieven van de vrouw af. De vrouw wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot schorsing van de zorgregeling af en bekrachtigt het bestreden vonnis.