ECLI:NL:GHDHA:2016:4404

Gerechtshof Den Haag

Datum uitspraak
29 november 2016
Publicatiedatum
13 september 2018
Zaaknummer
200.131.549-01
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Aanhouding hoger beroep aandelenlease-zaak in afwachting prejudiciële beslissing Hoge Raad

In deze zaak tussen Dexia Nederland B.V. en geïntimeerde betreft het een hoger beroep in een aandelenlease-geschil. Het hof verwijst naar een eerder tussenarrest van 12 januari 2016 waarin is bepaald dat partijen zich mogen uitlaten over de (on)eerlijkheid van bedingen zoals artikel 6 van Pro de Bijzondere Voorwaarden, nadat de Hoge Raad hierover uitspraak heeft gedaan.

Omdat de Hoge Raad nog geen uitspraak heeft gedaan op de prejudiciële vragen die door het gerechtshof Amsterdam zijn gesteld, konden partijen nog niet inhoudelijk reageren. Daarom heeft het hof de zaak aangehouden en verwezen naar de rol van 53 weken na de datum van dit arrest, met de mogelijkheid voor de meest gerede partij om de zaak vervroegd op de rol te plaatsen zodra de Hoge Raad uitspraak heeft gedaan.

De zaak betreft complexe civielrechtelijke kwesties rondom de voorwaarden van aandelenleaseovereenkomsten en de beoordeling van de eerlijkheid van contractuele bedingen. Het hof heeft hiermee het proces stilgelegd in afwachting van de hoogste rechterlijke uitspraak, waarmee de rechtszekerheid en een juiste beoordeling van de zaak worden gewaarborgd.

Het arrest is gewezen door de drie rechters en uitgesproken in openbare terechtzitting op 29 november 2016.

Uitkomst: Hoger beroep aangehouden tot uitspraak Hoge Raad over prejudiciële vragen over eerlijkheid bedingen.

Uitspraak

GERECHTSHOF DEN HAAG

Afdeling Civiel recht
Zaaknummer : 200.131.549/01
Zaaknummer rechtbank : 1323572 CV EXPL 12-1091

arrest van 29 november 2016

inzake

Dexia Nederland B.V.,

gevestigd te Amsterdam,
appellante,
hierna te noemen: Dexia,
advocaat: mr I.M.C.A. Reinders Folmer te Amsterdam,
tegen

[geïntimeerde] ,

wonende te [woonplaats] ,
geïntimeerde,
hierna te noemen: [geïntimeerde] ,
advocaat: mr. J.B. Maliepaard te Bleiswijk.

Het verdere verloop van het geding

Bij tussenarrest van 12 januari 2016 is de zaak naar de rol van 6 september 2016 verwezen voor het nemen van een akte door Dexia. Dexia heeft op 20 september 2016 een akte genomen en [geïntimeerde] op 18 oktober 2016 een antwoordakte.
Daarna is arrest bepaald.

Beoordeling van het hoger beroep

1. Het hof blijft bij hetgeen hij in zijn tussenarrest van 12 januari 2016 heeft overwogen en beslist.
2. In genoemd arrest heeft het hof overwogen dat partijen – nadat de Hoge Raad uitspraak heeft gedaan over de door gerechtshof Amsterdam gestelde vragen over de (on) eerlijkheid van bedingen als artikel 6 van Pro de Bijzondere Voorwaarden – zich daarover mogen uitlaten. Het hof heeft, in de veronderstelling dat de Hoge Raad de vragen in juli 2016 zou hebben beantwoord, de zaak naar de rol verwezen van 6 september 2016. Daar de Hoge Raad nog geen uitspraak heeft gedaan, hebben partijen nog niet inhoudelijk kunnen reageren en zal het hof de zaak thans aanhouden totdat de Hoge Raad heeft beslist op de prejudiciële vragen. Het hof zal de zaak naar de rol verwijzen van 53 weken na heden en bepalen dat de zaak door de meest gerede partij vervroegd op de rol kan worden geplaatst, zodra de Hoge Raad uitspraak heeft gedaan.

Beslissing

Het hof:
- verwijst de zaak naar de rol van 53 weken na heden voor het nemen van akte aan de zijde van Dexia met het doel zoals vermeld in rechtsoverweging 5. van het tussenarrest van 12 januari 2016, ambtshalve peremptoir;
- bepaalt dat zodra de Hoge Raad uitspraak heeft gedaan de meest gerede partij de zaak vervroegd op de rol mag plaatsen;
- houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. M.J. van der Ven, A.J.M.E. Arpeau en M.M. Olthof en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van 29 november 2016 in aanwezigheid van de griffier.