ECLI:NL:GHDHA:2016:989

Gerechtshof Den Haag

Datum uitspraak
29 maart 2016
Publicatiedatum
13 april 2016
Zaaknummer
22-004344-15
Instantie
Gerechtshof Den Haag
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 416 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid verdachte in hoger beroep wegens ontbreken grieven

In deze strafzaak heeft de verdachte geen schriftelijke grieven tegen het vonnis van de politierechter ingediend en ook ter terechtzitting in hoger beroep geen mondelinge bezwaren naar voren gebracht. De advocaat-generaal heeft daarom gevorderd dat de verdachte niet-ontvankelijk wordt verklaard in het hoger beroep. Het hof heeft ambtshalve geen redenen gezien om de zaak inhoudelijk te behandelen en heeft de verdachte op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering niet-ontvankelijk verklaard.

De uitspraak betreft een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 29 maart 2016, waarbij de verdachte niet aanwezig was bij de zitting. Het hof heeft de procedure zorgvuldig gevolgd en de beslissing genomen conform de wettelijke bepalingen omtrent ontvankelijkheid in hoger beroep. De niet-ontvankelijkverklaring betekent dat het hoger beroep niet inhoudelijk wordt behandeld en het vonnis van de politierechter in stand blijft.

Het arrest is gewezen door een meervoudige kamer van het hof, waarbij één van de rechters niet in staat was het arrest te ondertekenen. De zaak betreft een formele procedurele beslissing zonder inhoudelijke beoordeling van de strafzaak zelf.

Uitkomst: De verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven.

Uitspraak

Rolnummer: 22-004344-15
Parketnummer: 09-156693-15
Datum uitspraak: 29 maart 2016
VERSTEK

Gerechtshof Den Haag

meervoudige kamer voor strafzaken

Arrest

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Den Haag van 21 september 2015 in de strafzaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren te [plaats] (Algerije) op [dag] 1980,
zonder bekende vaste woon- of verblijfplaats hier te lande.
De vordering van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft ter terechtzitting in hoger beroep van 29 maart 2016 gevorderd dat de niet ter terechtzitting in hoger beroep verschenen verdachte niet-ontvankelijk zal worden verklaard in het hoger beroep.
Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep
De verdachte heeft niet een schriftuur met grieven tegen het vonnis ingediend. Evenmin heeft hij ter terechtzitting in hoger beroep mondeling bezwaren tegen het vonnis opgegeven. Het hof ziet ambtshalve geen redenen voor een inhoudelijke behandeling van de zaak in hoger beroep. Daarom zal de verdachte, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, niet-ontvankelijk worden verklaard in het hoger beroep.

BESLISSING

Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door mr. E.F. Lagerwerf-Vergunst, mr. H.M.A. de Groot en mr. R.C. Langeler, in bijzijn van de griffier mr. J.C.A. Verhoef.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 29 maart 2016.
Mr. H.M.A. de Groot is buiten staat dit arrest te ondertekenen.