Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Beschikking van 10 januari 2017
[verzoeker] ,
Stichting Werkgever Sportclubs Den Haag,
Het geding
Beoordeling van het hoger beroep
1.0 Opzetten, begeleiden en uitvoeren van O19 jeugd zaalvoetbal competitie", "2.0 Opzetten, begeleiden en uitvoeren van O13 jeugd zaalvoetbalcompetitie" en
"3.1 Scholencompetities". Achter "
3.1 Scholencompetities"is onder meer als taak genoemd:
"A. verenigingen actief inzetten bij de ZVSL".
"Organisatie
"
"Kosten [verzoeker] over (11 of 12) speeldagen incl. kosten"voor een totaalbedrag van € 44.850,--.
stelt vervolgens dat [X]( [X] , hof)
liegt als hij stelselmatig zegt dat WSDH niets te maken heeft met de ZVSL. In 2012, bij de start van [verzoeker] ’s dienstverband bij WSDHG, is expliciet afgesproken dat de ZVSL deel uitmaakt van de werkzaamheden van [verzoeker] bij WSDH. Aanwezig bij die afspraak waren [verzoeker] en [X] , alsmede [Y] van WSDH en [betrokkene] van de KNVB.
. Zelf zou [verzoeker] coördinator van de ZVSL blijven en dientengevolge aanwezig zijn als coördinator op zondagen.
Vanaf seizoen 2013-2014 zijn die gelden uitbetaald aan [opvolger] en aan trainers van Sporting. [verzoeker] zegt alleen als tussenpersoon te hebben gefunctioneerd tussen [X] en de uitvoerders.
stelt vervolgens dat het dus eenvoudig moet zijn om dit te controleren, namelijk in de boekhouding van SV Sporting. [verzoeker] beaamt dat. [de directeur van WSDH] spreekt daarom af dat hij het bestuur van Sporting zal vragen om inzage in de boekhouding, specifiek met betrekking tot de geldstromen uit de ZVSL-subsidies. (…)’
opgezet (…)
, maar ik kan niet exact zeggen welke.