ECLI:NL:GHDHA:2017:1668
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep kort geding
- C. van Nievelt
- I. Obbink-Reijngoud
- J.M. van Baardewijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging toevertrouwing minderjarige aan moeder en exclusief gebruik woning
Partijen, voormalig partners en ouders van een minderjarige, zijn in geschil over de toevertrouwing van het kind en het exclusieve gebruik van de gezamenlijke woning na hun relatiebeëindiging.
De voorzieningenrechter had de toevertrouwing aan de moeder toegewezen en haar het exclusieve gebruik van de woning toegekend. De vader stelde dat hij meer zorg voor het kind draagt en dat de moeder een alcoholprobleem heeft, en vorderde toewijzing van de toevertrouwing en het gebruik van de woning aan hem.
Het hof oordeelt dat de moeder de hoofdverzorger is, de vader werkt in de avonduren en dat onvoldoende is komen vast te staan dat de moeder niet goed voor het kind kan zorgen. Ook weegt het hof het belang van de kinderen en het feit dat zij in een vertrouwde omgeving kunnen blijven wonen zwaar mee.
De vrees van de vader dat de moeder financieel wanbeleid voert en daardoor uit de woning zou worden gezet, wordt door het hof niet gevolgd. Het hof bekrachtigt het bestreden vonnis, wijst het hoger beroep van de vader af en compenseert de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de minderjarige aan de moeder wordt toevertrouwd en het exclusieve gebruik van de woning aan haar wordt toegekend, en wijst het hoger beroep van de vader af.