ECLI:NL:GHDHA:2017:1884
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens ontbreken gronden in Wwz-zaak
Verzoekster kwam in hoger beroep tegen een beschikking van de kantonrechter die de arbeidsovereenkomst ontbond en een transitievergoeding toekende aan verweerder. Het hof gaf verzoekster de gelegenheid het beroepschrift te verbeteren conform de eisen van artikel 69 Rv Pro.
Verzoekster diende een beroepschrift in, maar formuleerde geen inhoudelijke gronden tegen de beschikking, behalve een verzoek tot herstel van een kennelijke verschrijving in de wetsartikelen. Het hof oordeelde dat dit niet volstaat om aan de vereisten van een beroepschrift te voldoen, waardoor het beroep niet-ontvankelijk werd verklaard.
Er werden geen uitzonderlijke omstandigheden gesteld die het ontbreken van gronden konden rechtvaardigen. De mondelinge behandeling werd daarom achterwege gelaten. Verzoekster werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep, die uitvoerbaar bij voorraad werden verklaard.
Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep van verzoekster niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van gronden en veroordeelt haar in de proceskosten.