ECLI:NL:GHDHA:2017:4002
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake vergoeding kosten juridische buitengerechtelijke bijstand executeur in erfrechtzaak
In deze erfrechtelijke procedure vorderen erfgenamen vergoeding van verschillende schadeposten van de executeur na onenigheid over de afwikkeling van de nalatenschap.
De kantonrechter wees de meeste vorderingen af, behalve een gedeeltelijke vergoeding van de kosten van juridische buitengerechtelijke bijstand. De erfgenamen gingen in hoger beroep tegen deze afwijzing.
Het hof bevestigt het oordeel van de kantonrechter dat de schade aan de grafsteen en de waarde van sieraden en inboedel onvoldoende onderbouwd zijn voor vergoeding. Wel oordeelt het hof dat de kosten voor het inschakelen van een advocaat terecht als schadepost worden erkend, omdat de executeur onrechtmatig handelde door zijn wettelijke verantwoordelijkheden niet na te komen.
De incidentele grief van de executeur wordt verworpen wegens onvoldoende onderbouwing. Het hof compenseert de proceskosten in hoger beroep, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. Het arrest vernietigt het eerdere vonnis voor zover de vergoeding van buitengerechtelijke rechtsbijstand werd afgewezen en veroordeelt de executeur tot betaling van een bedrag van €10.545,54, vermeerderd met wettelijke rente.
Uitkomst: Executeur wordt veroordeeld tot vergoeding van kosten juridische buitengerechtelijke bijstand van €10.545,54 met rente; overige vorderingen worden afgewezen.