Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 24 april 2018
[de man] ,
[de vrouw] ,
Het geding
De feiten
Beoordeling van het hoger beroep
- de vrouw veroordeeld om aan de man tegen kwijting te betalen € 1.125,-, vermeerderd met de wettelijke rente in de zin van artikel 6:119 BW Pro over dat bedrag vanaf 7 maart 2017 tot de dag van algehele voldoening;
- de vrouw in de proceskosten veroordeeld.
€ 25.597,10 en dient deze in maandelijkse termijnen van € 360,- aan rente en aflossing te worden afbetaald. Hiervan dient de vrouw de helft, ofwel € 180,-, te betalen.
€ 180,- per maand van haar wenst terug te ontvangen, totdat de gehele schuld ad € 25.597,10 door hem zal zijn afgelost.