Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Uitspraak van 18 december 2018
[X] te [Z] , belanghebbende,
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Den Haag, de Inspecteur,
Procesverloop
Vaststaande feiten
“Artikel 2. PARTNERALIMENTATIE
Artikel 3. EIGEN INKOMSTEN VROUW
Artikel 6. DE ECHTELIJKE WONING EN DAARMEE VERBAND HOUDENDE RECHTEN EN LASTEN
“Artikel 1 Vervallen Pro partneralimentatie vrouw
Artikel 2 Netto Pro "inkomensgarantie" vrouw
nettopartneralimentatie van de vrouw ad € l.450/maand (=bruto € 2.500 minus over 2008 toepasselijke 42% inkomstenbelasting), om onvoorziene redenen toch hoger blijkt te zijn dan het
nettoinkomens(liquiditeits)voordeel wegens het niet feitelijk hoeven te betalen van de rente op de voornoemde lening van de kinderen (5% x € 350.000 = 17.500 : 12 = € 1.458/maand). Wijziging in de inkomstenbelastingwetgeving (waaronder belastingtarieven) en/of overige inkomenspositie van de vrouw worden hierbij echter
nietin aanmerking genomen.”.
“1. Looptijd
2. Rente
3. Aflossing
Uitwerking c.q. aanvulling van artikel 2
nettoinkomensachteruitgang van de vrouw vanwege het alsdan daadwerkelijk moeten gaan betalen van (hypotheek)rente over (een gedeelte van) voornoemde eigen woningschuld door de man wordt vergoed.
Oordeel van de rechtbank
€ 52.664. Het belastbare inkomen uit sparen en beleggen blijft gehandhaafd op nihil, nu [de Inspecteur] ter zitting zijn beroep op interne compensatie heeft ingetrokken.
Omschrijving geschil in hoger beroep, standpunten en conclusies van partijen
Beoordeling van het hoger beroep
Proceskosten en griffierecht
Beslissing
1. Bij het beroepschrift wordt een kopie van deze uitspraak gevoegd.
2. Het beroepschrift wordt ondertekend en bevat ten minste:
- de naam en het adres van de indiener;
- de dagtekening;
- de vermelding van de uitspraak waartegen het beroep in cassatie is gericht;
- de gronden van het beroep in cassatie.