ECLI:NL:GHDHA:2018:389
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- E.M. Vrouwenvelder
- H.A.J. Kroon
- Chr.Th.P.M. Zandhuis
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanslag inkomstenbelasting en belastingrente over Ziektewetuitkering
Belanghebbende, die in 2012 deels in Nederland en daarna in Spanje woonde, maakte bezwaar tegen een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) over een Ziektewetuitkering. Hij stelde dat deze aanslag en de daarop gebaseerde belastingrente onterecht waren opgelegd. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en het Gerechtshof Den Haag bevestigde deze uitspraak in hoger beroep.
Het geschil betrof de vraag of de Ziektewetuitkering als loon moet worden beschouwd en of Nederland het heffingsrecht heeft volgens het belastingverdrag met Spanje. Het hof oordeelde dat de ZW-uitkering nauw samenhangt met de in Nederland verrichte dienstbetrekking en dat het heffingsrecht op grond van het verdrag en de nationale wetgeving aan Nederland toekomt. Tevens werd geoordeeld dat de belastingrente correct was berekend.
Belanghebbende voerde ook aan dat de zaak door de algemene bestuursrechter behandeld moest worden, maar het hof stelde dat de belastingrechter bevoegd is bij aanslagen IB/PVV. Het hof verwierp verder de stelling dat de regelgeving onredelijk of onbillijk zou zijn en benadrukte dat de rechter gebonden is aan de wet. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.