Uitspraak
Gerechtshof Den Haag
Arrest
[verdachte],
BESLISSING
spreekt de verdachtedaarvan
vrij.
Gerechtshof Den Haag
In hoger beroep heeft het gerechtshof Den Haag het vonnis van de politierechter vernietigd en verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde voorbereiden van beroepsmatige hennepteelt. De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke taakstraf, maar het hof oordeelde dat het bewijs onvoldoende was om de bestemming van de aangetroffen goederen aan te tonen.
De tenlastelegging betrof het bezit van diverse voorwerpen zoals thermo-hygrometers, knipscharen, growtentframes en lampen, waarvan verdachte wist of moest vermoeden dat deze bestemd waren voor het plegen van voorbereidingshandelingen voor hennepteelt. Het hof benadrukte dat volgens de wetsgeschiedenis van artikel 11a Opiumwet bewezen moet worden dat de goederen bestemd waren voor beroepsmatige of bedrijfsmatige hennepteelt.
Gezien de verklaring van verdachte over de aanwezigheid van de goederen en de omstandigheden waaronder deze werden aangetroffen, vond het hof dat niet buiten redelijke twijfel vaststond dat de goederen bestemd waren voor grootschalige hennepteelt. Hierdoor was het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen. De rechtmatigheid van het binnentreden en doorzoeken van de woning werd niet verder besproken omdat dit het eindoordeel niet zou beïnvloeden.
Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en sprak verdachte vrij van het ten laste gelegde.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat de goederen bestemd waren voor beroepsmatige hennepteelt.