Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
C/10/488587/HA ZA 15-1140
hierna te noemen: Woningborg,
1.Ontwikkelingscombinatie Chassé C.V.,
Chassé Beheer B.V.,
hierna gezamenlijk te noemen: Chassé (mannelijk enkelvoud),
1.Ontwikkelingscombinatie Chassé C.V.,
Chassé Beheer B.V.,
hierna gezamenlijk te noemen: Chassé (mannelijk enkelvoud),
hierna te noemen: Woningborg,
15.1 Gegarandeerd wordt dat de toegepaste constructies, materialen en onderdelen, en de installatie, onder redelijkerwijs voorziene externe omstandigheden deugdelijk zijn en bruikbaar voor het doel waarvoor ze zijn bestemd; een en ander voor zover in deze garantie- en waarborgregeling ter zake geen beperkingen zijn opgenomen.
nalatig blijft om binnen de in het ingevolge deze regeling gegeven arbitrale vonnis genoemde termijn aan enige aan hem opgelegde verplichting te voldoen, wordt de verkrijger[in dit geval VvE, toevoeging hof]
, zonder dat een ingebrekestelling vereist is, op zijn schriftelijke aanvrage voor de voor hem daaruit ontstane schade door de Stichting[Woningborg, toevoeging hof]
schadeloos gesteld.
eindrapport bemiddeling’’, voor zover thans van belang, het volgende geschreven:
het klachtenbestand is omvangrijk en ernstig van aard. Meerdere klachten zijn structureel. Sommige specifiek.
Het aanbrengen van nieuwe goten van voldoende capaciteit is onvermijdelijk.
Dit is geen geëigende uitvoering; de goten dienen middels flexibele expansiestukken aan elkaar verbonden te worden.’’
naar mag worden aangenomen het hierbij[gaat]
om een structureel probleem, zoals ook eerder door Woningborg in het kader van haar bemiddelingspoging is vastgesteld’’. Ten aanzien van haar klacht “
Lekkages van het dak van de parkeergarage’’ heeft VvE in de arbitrageprocedure gevorderd dat Chassé als volgt werd veroordeeld:
De in, bij of aan de parkeergarage aangebrachte rand- en kilgoten te vervangen, met inachtneming van de aanbevelingen dienaangaande van , door goten met capaciteit van tenminste 203 cm² en verder, met inachtneming van de eisen van goed en deugdelijk vakmanschap, met de nodige aanpassingen aan de tussenliggende gootconstructie onder de opendakstructuur[verholen goten, toevoeging hof]
en onder de toepassing, daar waar nodig, van flexibele expansiestukken.’’
Conclusies
vervangen. Dimensies en detailleringen van de nieuwe hemelwaterafvoeren conform de NTR 3216.
Arbiters concluderen derhalve met de externe deskundige dat nog steeds sprake is van een of meer gebreken. Voorts stellen zij vast dat Chassé, in het geval sprake is van een gebrek, herstel heeft te plegen. Onweersproken is gebleven dat Chassé reeds in eerdere instantie herstelwerkzaamheden heeft uitgevoerd. Dat deze werkzaamheden uit coulance zouden zijn uitgevoerd is gesteld noch gebleken.
De externe deskundige heeft in zijn deskundigenbericht een hersteladvies gegeven. Arbiters achten dit advies in overeenstemming met de garantienormen maar wijzen partijen erop dat het de verantwoordelijkheid van Chassé is om al het nodige te doen zodat wordt voldaan aan het gestelde in het dictum van het vonnis.’’
veroordelen verweerders[Chassé, toevoeging hof]
ten aanzien van klacht 1 tot het verrichten van zodanige werkzaamheden dat alsnog wordt voldaan aan de garantienormen, alsmede tot het verrichten van alle hieruit voortvloeiende noodzakelijke werkzaamheden, met dien verstande dat indien een van de verweersters aan deze veroordeling voldoet de ander daardoor zal zijn gekweten. Deze werkzaamheden dienen, voor zover deze inmiddels niet al naar behoren zijn uitgevoerd, zo spoedig mogelijk (…) te zijn uitgevoerd (…).’’
Demonteren van de bestaande pvc dakbeplating
Het vergroten van 6 stuks kilgoten incl. het aanpassen van de onderliggende staalconstructie.
Het leveren en aanbrengen van zetwerk tpv van de dak en gootaansluiting.
Het leveren en aanbrengen van aansluitgoten tpv van de hoogbouw eea conform bestaand.
Het leveren en aanbrengen van stalen omega profielen in verzinkte uitvoering, haaks over de staalconstructie gemonteerd tbv ondersteuning van de alu profielen van het piolycarbonaat.
Het leveren en aanbrengen van polycarbonaat platen 10\5 in heldere uitvoering gevat in alu profielen in een brute uitvoering.
Het waterdicht afwerken van de bestaande buitengoten dmv EPDM dakfolie tpv van de gootnaden en aansluitingen.
Aanpassen van het HWA afvoersysteem tpv de kil en buitengoten eea conform rapport.
000,00
000,00
Op woensdag 25 januari jl. hebben wij elkaar getroffen in Gouda, zulks in verband met de offerte van [X B.V.] van 12 januari 2012.
1. Heeft Chassé c.s. volledig aan voormeld vonnis en daarmee aan de toepasselijke GIW garantienormen voldaan?2. Indien nee, op welke onderdelen is nog niet aan voormeld vonnis en daarmee niet aan de toepasselijke GIW garantienormen voldaan?
oorzaken’’ hiervan te hebben waargenomen. [deskundige 3] heeft op tien door VvE aangewezen plaatsen het garagedak nader onderzocht. [deskundige 3] concludeert ten aanzien van deze tien locaties dat voldoende aantoonbaar is dat het garagedak onvoldoende waterkerend is, hierdoor niet voldoet aan de garantienormen en hij ervan overtuigd is dat hier nog steeds lekkages optreden.
Ondergetekende is opgevallen dat de uitvoering van het dak op meerdere plaatsen technische gezien een niet optimale detaillering heeft en lekkage onder reguliere omstandigheden zou kunnen optreden. De deskundige is door de VVE niet op deze plaatsen gewezen. De deskundige is van mening dat op basis van de eigen waarnemingen kan worden gesteld dat minimaal alle diagonaal (kil) aansluitingen in het parkeergaragedak op gelijke wijze moeten worden aangepast.
. Hieromtrent is aan de deskundige door de VVE geen gebrek gemeld. Niet is gemeld dat hemelwater onvoldoende kan wegstromen door de afvoeren.’’
1. Hemelwaterafvoeren van Toren 1 t/m Toren 5 te vervangen (de extra aangebrachte
briefrapport’’ opgesteld (hierna: het [deskundige 3] II-rapport). In het [deskundige 3] II-rapport is, voor zover thans van belang, onder meer het volgende vermeld:
Ons[ [deskundige 3] en [deskundige 4] , toevoeging hof]
is verzocht door u[mr. Van Veen, toevoeging hof]
, namens Woningborg NV, om duidelijkheid te scheppen, voor zover uiteraard mogelijk, in de eerder gegeven antwoorden in ons deskundigenbericht[ [deskundige 3] I-rapport, toevoeging hof]
en dan met name hoe het antwoord in vraag 5 geïnterpreteerd moet worden in het licht van het arbitraal vonnis. Met name of alle lekkages zijn verholpen met het nemen van de benoemde maatregelen.
is nog wel aangegeven dat er ten aanzien van de diagonale kilaansluitingen en ten aanzien van de afvoervoorzieningen van de verholen goten opmerkingen gemaakt kunnen worden in het kader van kwaliteit etc. Edoch dit zijn algemene opmerkingen die niet direct in algemene zin gerelateerd zijn aan de daadwerkelijke 10 lekkages welke de VVE in 2013 concreet kenbaar heeft gemaakt. Nu deze opmerkingen geen rechtstreeks verband houden met de geconstateerde 10 lekkages, komt aan deze bevindingen in het licht van het vonnis van de Rechtbank Rotterdam d.d. 12 april 2017 geen zelfstandige betekenis meer toe, nu het vonnis schijnbaar ziet op de opheffing van de toentertijd geconstateerde concrete lekkages.’’
Grieven 1, 2 en 4komen op tegen de door de rechtbank gegeven uitleg van het [deskundige 3] -I rapport, inhoudende dat op basis hiervan niet kan worden uitgesloten dat, ter zake van de door [deskundige 3] uit eigener beweging gesignaleerde punten (zie hiervoor, overweging 22), de herstelkosten voor het garagedak uiteindelijk hoger kunnen zijn dan de Waarborgsom, waardoor Woningborg in dit verband nog niet gekweten is van haar verplichtingen. Het rapport van [deskundige 3] heeft geen aanvullende consequenties voor de (hoogte van de) herstelkosten om aan de garantienormen en het arbitraal vonnis te voldoen, aldus Woningborg.
Grief 3komt op tegen de proceskostenveroordeling.
Grief Ikomt op tegen de overweging dat partijen het erover eens zijn dat aan de garantienormen wordt voldaan indien het parkeergaragedak niet meer lekt bij de mate van regenval die in de normen is voorzien. VvE stelt dat de door de rechtbank bedoelde algemene strekking van het arbitrale vonnis in zoverre juist is dat niet een wijze van herstel wordt voorgeschreven maar dat neemt niet weg dat de huidige hemelwaterafvoeren en de verholen, rand- en kilgoten niet voldoen aan de garantienormen.
Grief IIis gericht tegen de overwegingen dat (i) VvE heeft verklaard geen aanspraak meer te maken op nieuwe dakgoten en (ii) dat [Y B.V.] in zijn begroting (zie hiervoor, overweging 23) de kosten voor vervanging van het complete garagedak heeft begroot. Dit is volgens de VvE van belang voor de schadestaatprocedure waar deze offerte een referentiepunt zal zijn voor wat betreft de vaststelling van de door VvE geleden schade.
Grief IIIkomt op tegen de overweging dat VvE geen zwaarwegende redenen heeft aangevoerd waarom de conclusies in het [deskundige 3] I-rapport niet gevolgd kunnen worden. VvE stelt zich op het standpunt dat aan de rapportage van [deskundige 3] in de schadestaat geen waarde mag worden toegekend en dat de rechtbank dat ten onrechte wel heeft gedaan.
Grief IVklaagt erover dat de rechtbank het advies van [deskundige 3] om alle kilgoten aan te passen terzijde heeft gelegd. Dit beperkt volgens VvE de reikwijdte van de vorderingen van VvE in de nog te voeren schadestaatprocedure. VvE voert aan dat vervanging van de diverse goten nodig is om aan het arbitrale vonnis te kunnen voldoen.
Grieven 1, 3 en 7zijn gericht tegen het oordeel dat Chassé Woningborg schadeloos moet stellen in verband met de Waarborgsom en met hetgeen waartoe Woningborg in de schadestaatprocedure mogelijk nog wordt veroordeeld om aan VvE te voldoen.
Grief 2komt op tegen de overweging dat Chassé in het arbitrale vonnis is veroordeeld tot het uitvoeren van herstelwerkzaamheden teneinde de lekkages te herstellen. Chassé meent slechts te zijn veroordeeld tot het uitvoeren van herstelwerkzaamheden aan het garagedak zodat deze aan de garantienormen voldoet, hetgeen volgens haar reeds is gebeurd.
Grieven 4, 5 en 6zijn gericht tegen de beoordeling door de rechtbank van de conclusies in het [deskundige 3] I-rapport.
grieven 1, 2 en 4(in de kern genomen) dat aan de veroordeling in het arbitrale vonnis is voldaan op het moment dat de, in het [deskundige 3] -I concreet genoemde, tien lekkages aan het garagedak zijn opgelost. De herstelkosten van deze resterende lekkages zijn door [deskundige 3] aangegeven en door middel van betaling van de Waarborgsom door Woningborg voldaan, aldus Woningborg. Dat in de offertes van [Y B.V.] en [X B.V.] (zie hiervoor, respectievelijk overwegingen 18 en 23) hogere herstelkosten dan de Waarborgsom worden begroot, komt volgens Woningborg doordat in deze offertes meer werkzaamheden worden geoffreerd dan waartoe Chassé in het arbitrale vonnis is veroordeeld. Nu [deskundige 3] in het [deskundige 3] II-rapport heeft verklaard dat zijn overige opmerkingen in het [deskundige 3] I-rapport over de kwaliteit van het garagedak niet gerelateerd kunnen worden aan de tien lekkages, betekent dit volgens Woningborg dat zij volledig aan het arbitrale vonnis heeft voldaan.
Grieven 1, 2 en 4falen.
Grief 3van Woningborg mist zelfstandig belang en deelt het lot van de overige grieven in het principaal appel.
grief 2,die ziet op de begroting van [Y B.V.] , omdat de rechtbank in de procedure in de hoofdzaak ten aanzien van deze begroting geen bindende eindbeslissing heeft genomen.
1, 3 en 7is uitgangspunt dat Chassé Woningborg niet schadeloos behoeft te stellen op het moment dat laatstgenoemde zonder grondslag in de GIW uitkeringen zou hebben gedaan. Als gezegd meent Chassé dat een dergelijk grondslag (thans) ontbreekt, omdat VvE de vervaltermijn uit art. 19.6 GIW (zie hiervoor, overweging 5) heeft laten verstrijken.
grieven 2 en 6komt Chassé op tegen hetgeen de rechtbank heeft overwogen over de strekking van Chassé’s veroordeling in het arbitrale vonnis (waarbij Chassé tijdens het pleidooi heeft gesteld veroordeeld te zijn om de hemelwaterafvoer en de verholen goten te herstellen, zodat deze aan de GIW-garantienormen voldoen). Deze grieven falen op grond van hetgeen het hof hiervoor onder overweging 42 in de hoofdzaak heeft overwogen. Hierbij geldt overigens dat grief 6 – voor zover deze ziet op de rechtsoverwegingen 6.16 en 6.17 van het bestreden vonnis – reeds faalt op de grond dat deze opkomt tegen overwegingen van de rechtbank in de hoofdzaak, terwijl de vrijwaringszaak en de hoofdzaak zelfstandige procedures betreffen.
grieven 4 en 5komt Chassé (in de kern genomen) op tegen de conclusies in het [deskundige 3] -I rapport, althans het feit dat de rechtbank deze conclusies tot de hare heeft gemaakt. Volgens Chassé bestaan er zowel materiële als formele bezwaren tegen het [deskundige 3] -I rapport, waardoor de hierin getrokken conclusies onjuist zijn, althans niet gevolgd kunnen worden.
daarmee’’ bedoelde te vragen of het garagedak voldeed aan de GIW-garantienormen (zie hiervoor, overweging 20). [deskundige 3] moet, als technisch deskundige, in staat worden geacht een dergelijke vraag te beantwoorden. Onjuist is de stelling van Chassé dat [deskundige 3] de door hem beschreven lekkages niet zelf heeft waargenomen, maar slechts heeft gevaren op aanwijzingen van de VvE hierover. Uit het [deskundige 3] -I rapport blijkt immers dat [deskundige 3] – in aanwezigheid van alle partijen – ter plaatse is geweest, maar als gevolg van een droge periode op dat moment geen ‘actieve’ lekkages waarnam. Vervolgens heeft hij aangewezen lekkagesporen onderzocht. Dat de lekkagesporen kennelijk door VvE zijn aangewezen, doet aan de zelfstandige conclusies van [deskundige 3] over de oorzaken hiervan niet af. Deze werkwijze noopt niet tot de conclusie dat [deskundige 3] zijn werk daarom niet naar beste weten heeft uitgevoerd. Het hof passeert de stelling van Chassé dat het garagedak op het moment van onderzoek door [deskundige 3] waterkerend zou zijn; het enkele feit dat slechts een paar van de door [deskundige 3] onderzochte lekkages ook al in de arbitrageprocedure voorwerp van discussie waren, betekent niet dat overige door hem onderzochte lekkages niet van belang waren. Ook nieuwe lekkages kunnen immers ontstaan doordat een garagedak niet aan de garantienormen voldoet. De stelling dat deze laatste lekkages zijn ontstaan door onvoldoende onderhoud acht het hof onvoldoende onderbouwd, althans dit kan (eventueel) in de schadestaatprocedure (in de hoofdzaak) nader onderzocht worden.
- bekrachtigt het bestreden vonnis in de hoofdzaak;
- veroordeelt Woningborg in de kosten van het principale hoger beroep in de hoofdzaak, aan de zijde van VvE tot op heden begroot op € 1.952,-- aan griffierecht en € 3.222,-- aan salaris advocaat; vermeerderd met € 131,-- aan nakosten, nog te verhogen met € 68,-- indien niet binnen veertien dagen na aanschrijving in der minne aan dit arrest is voldaan en vervolgens betekening van dit arrest heeft plaatsgevonden;
- compenseert de kosten in het incidentele beroep in de hoofdzaak;
- verklaart dit arrest wat de proceskosten betreft uitvoerbaar bij voorraad.
- bekrachtigt het bestreden vonnis in de vrijwaringszaak;
- veroordeelt Chassé in de kosten van het geding in hoger beroep in de vrijwaringszaak, aan de zijde van Woningborg tot op heden begroot op € 1.952,-- aan griffierecht en € 3.222,-- aan salaris advocaat.