Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1. Het verdere procesverloop in hoger beroep
30 augustus 2017, 8 november 2017 en 7 november 2018, waarvan de inhoud telkens als hier herhaald en ingelast dient te worden beschouwd.
€ 171,10 te deponeren op een rekening van het hof. Hiertoe ontvangt de deskundige separaat een factuur van het Landelijk Dienstencentrum voor de Rechtspraak (LDCR) met betaalinstructies.
Lijdt betrokkene aan een geestelijke stoornis of aandoening? Zo ja, welke?
Is bij betrokkene – al dan niet als gevolg van voormelde stoornis - sprake van een zodanige lichamelijke of geestelijke toestand waardoor zij tijdelijk of duurzaam niet in staat is om haar belangen behoorlijk waar te nemen of waardoor zij haar veiligheid of die van anderen in gevaar brengt?
Zo ja, in welke mate?
Kan een voldoende behartiging van die belangen met een meer passende en minder verstrekkende voorziening (beschermingsmaatregel) dan curatele worden bewerkstelligd, zoals mentorschap en/of onderbewindstelling?
In hoeverre komen er uit het onderzoek bevindingen naar voren die niet aan de orde zijn gekomen in de onderzoeksvragen, maar die wel van belang zijn in de onderhavige zaak?
€ 3.828,90. Gezien hetgeen het hof reeds heeft overwogen, is het hof ook thans nog van oordeel dat de kosten van de deskundige ten laste van betrokkene dienen te komen. Het door betrokkene teveel betaalde, zijnde een bedrag van € 171,10, dient door de griffier aan betrokkene te worden teruggestort.
BESLISSING OP HET HOGER BEROEP
23 januari 2019.