ECLI:NL:GHDHA:2019:3743
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vonnis rechtbank Rotterdam in civiele zaak na Second Opinion-procedure
In deze civiele procedure heeft het Gerechtshof Den Haag het hoger beroep behandeld van [appellante] tegen [geïntimeerde]. De zaak betrof een geschil dat eerder door de rechtbank Rotterdam was beslecht. Na een comparitie op 9 april 2019 en het verzoek van partijen om toepassing van de Second Opinion-procedure, heeft het hof de zaak inhoudelijk beoordeeld.
Partijen hebben het Second Opinion Reglement aanvaard door het ondertekenen van de SO-formulieren, waardoor het hof de conclusies van de kantonrechter overneemt. De enige grief van appellante was dat de rechtbank niet haar vordering tot afwijzing van de eis van geïntimeerde had toegewezen.
Het hof heeft de overwegingen van de kantonrechter integraal overgenomen en het vonnis van de rechtbank bekrachtigd. Appellante is veroordeeld in de beperkte kosten van het hoger beroep, bestaande uit griffierecht en salaris advocaat, conform het Second Opinion Reglement. De proceskostenveroordeling is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank Rotterdam en wijst het hoger beroep van appellante af.