Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
zaaknummer rechtbank : 5343862 RL EXPL 16-24249
Gerechtshof Den Haag
In deze zaak stond centraal of appellant de door hem gehuurde woning geheel of gedeeltelijk aan derden had onderverhuurd of in gebruik had gegeven zonder toestemming van de verhuurder, Stichting Staedion. Het hof heeft appellant de gelegenheid gegeven tegenbewijs te leveren, maar dit is niet geslaagd. Diverse getuigenverklaringen bevestigden dat meerdere personen gedurende langere periodes in de woning verbleven, waaronder een vrouw die zich inschreef op het adres en een man uit Colombia die huur betaalde.
Appellant voerde aan dat de personen slechts logeerden om hem te verzorgen, maar deze stelling werd door het hof niet geloofd vanwege tegenstrijdigheden in zijn verklaringen en die van getuigen. Ook verklaringen van begeleiders en andere getuigen ondersteunden de stelling van Staedion dat er sprake was van onderverhuur of gebruik door derden.
Het hof oordeelde dat appellant zonder toestemming van Staedion handelde in strijd met het huurcontract. Gezien het bewijs en het ontbreken van toestemming werd het vonnis van de kantonrechter bekrachtigd. Appellant werd veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep, die werden begroot op een griffierecht van €716 en advocaatkosten van €2.416,50. Het arrest werd uitgesproken op 19 maart 2019.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en veroordeelt appellant in de proceskosten wegens onderverhuur zonder toestemming.