Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 16 april 2019
Woningstichting Haag Wonen,
[de vof],
Het verdere verloop van het geding
Beoordeling van het hoger beroep
- funderingen;
in conventie(1) voor recht verklaard dat
reconventie(1) voor recht verklaard
geweigerdhet gehuurde te aanvaarden. Ook op 29 november 2013 heeft Haag Wonen geprobeerd het gehuurde aan [de vof] ter beschikking te stellen (
grief I).
“Aangezien de huurder niet voor ontvangst wil tekenen voordat hij een brief van Haag Wonen heeft ontvangen waarin toestemming voor ventilatie van de gevel wordt gegeven, vindt er ook geen sleuteloverdracht en ondertekening van het proces-verbaal van oplevering plaats. Op 29-11-2013 zal het pand, na uitvoering van de opleverpunten opnieuw voor oplevering worden aangeboden.”
eerstegrief aangevoerd dat de kantonrechter ten onrechte heeft geoordeeld dat de gedane huuropzegging zijdens Haag Wonen rechtsgeldig is en de huurovereenkomst derhalve per 31 mei 2015 is geëindigd. [de vof] heeft zich op het standpunt gesteld dat Haag Wonen in strijd met de bedoeling van partijen en daarmee met de huurovereenkomst tegen 31 mei 2015 heeft opgezegd. Volgens [de vof] was opzegging pas mogelijk na drie negatieve evaluatiegesprekken.
tweedegrief heeft de kantonrechter ten onrechte geoordeeld dat de door [de vof] gevorderde terugbetaling van de vooruit betaalde huur over 1 juni 2013 tot en met november 2013 (€ 6.836,20) dient te worden afgewezen wegens het ontbreken van een duidelijke grondslag voor die vordering. Nu vaststaat dat in die periode het gehuurde niet ter beschikking van [de vof] is gesteld en Haag Wonen daarmee toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van haar verplichtingen, is het bedrag van de huurpenningen over die periode onverschuldigd betaald, aldus [de vof]. Subsidiair doet [de vof] een beroep op huurprijsvermindering ex art. 7:207 BW Pro. Ook over de periode van 15 januari 2015 tot en met 31 mei 2015 was er volgens deze grief geen huur verschuldigd. Volgens de
derdegrief is ten onrechte geoordeeld dat Haag Wonen niet in verzuim is komen te verkeren. Door niet te voldoen aan haar opleveringsverplichting op 15 januari 2015 is Haag Wonen direct in verzuim komen te verkeren, een ingebrekestelling is daartoe niet vereist.
vierdegrief is gericht tegen de afwijzing van de gevorderde verklaring voor recht dat Haag Wonen de betaalde dwangsommen rechtsgeldig heeft verbeurd en toewijzing van de vordering tot terugbetaling door [de vof] van de betaalde dwangsom tot een bedrag van