ECLI:NL:GHDHA:2020:1001
Gerechtshof Den Haag
- Beschikking
- K.M. Braun
- A.N. Labohm
- A.A.F. Donders
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep afwijzing verzoek eenhoofdig gezag moeder bij ernstige communicatieproblemen ouders
In deze civiele procedure in hoger beroep heeft de moeder verzocht om het eenhoofdig gezag over de minderjarigen aan haar toe te kennen, nadat de rechtbank dit verzoek had afgewezen. De ouders zijn gescheiden en oefenen gezamenlijk het ouderlijk gezag uit. Er zijn ernstige communicatieproblemen tussen de ouders, met beschuldigingen van de moeder over het niet nakomen van afspraken en huiselijk geweld door de vader.
De vader betwist deze beschuldigingen en stelt dat de moeder de omgang belemmert. De minderjarigen zijn onder toezicht gesteld van een gecertificeerde instelling die zich richt op het herstellen van het contact tussen vader en kinderen. Het hof heeft de feiten en omstandigheden beoordeeld, waaronder het ouderschapsplan, de ondertoezichtstelling en de adviezen van de gecertificeerde instelling.
Het hof concludeert dat er weliswaar sprake is van een wijziging van omstandigheden door de verslechterde verstandhouding, maar dat onvoldoende is gebleken dat de minderjarigen op dit moment klem of verloren dreigen te raken tussen de ouders. Ook is er een eenmalig incident met betrekking tot medische toestemming, maar dit rechtvaardigt geen eenhoofdig gezag. Het hof wijst op de verplichting van ouders om de band met de andere ouder te bevorderen en constateert aanwijzingen van ouderverstoting door de moeder.
Daarom bekrachtigt het hof het vonnis van de rechtbank en wijst het verzoek van de moeder af. De proceskosten in hoger beroep worden gecompenseerd. Het hof benadrukt het belang van het gezamenlijk gezag en de rol van de gecertificeerde instelling bij het verbeteren van de situatie.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek van de moeder af en bekrachtigt het gezamenlijk gezag over de minderjarigen.