ECLI:NL:GHDHA:2020:1020
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzekeraar wint hoger beroep inzake gefingeerde aanrijding en bewijswaardering
De zaak betreft een vordering van Aegon Schadeverzekering N.V. tegen appellant over vergoeding van kosten van onderzoek naar een vermeende aanrijding op 10 februari 2014 tussen een Audi en een Toyota. Het hof heeft appellant toegelaten tot tegenbewijs, waarbij meerdere getuigen zijn gehoord, waaronder appellant zelf en haar familieleden.
Het hof oordeelt dat appellant niet is geslaagd in het leveren van tegenbewijs vanwege talrijke onduidelijkheden en tegenstrijdigheden in de getuigenverklaringen, zowel onderling als met eerdere schriftelijke verklaringen. De verklaringen gaven geen helderheid over de omvang en oorzaak van de schade aan de Audi, terwijl deskundigen stelden dat de Toyota geen noemenswaardige schade had en de Audi-schade niet door de Toyota kon zijn veroorzaakt.
Het hof concludeert dat appellant heeft gefraudeerd door onterecht schadevergoeding te vorderen van Aegon voor schade die niet door de aanrijding is ontstaan. Alle grieven van appellant worden verworpen, het vonnis van de rechtbank wordt bekrachtigd en appellant wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vordering van appellant af wegens onvoldoende bewijs en fraude.