ECLI:NL:GHDHA:2020:1488
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging juiste vaststelling belastbaar inkomen ondanks beslag op pensioenuitkering
Belanghebbende had bezwaar gemaakt tegen de aanslag inkomstenbelasting 2016, waarin de volledige pensioenuitkering van Stichting Pensioenfonds [B] was meegenomen, ondanks dat een deel daarvan door beslag aan een schuldeiser was betaald. De Rechtbank had geoordeeld dat de volledige pensioenuitkering als genoten loon moet worden beschouwd en de aanslag op een juist bedrag was vastgesteld.
In hoger beroep betoogde belanghebbende dat slechts het deel van de pensioenuitkering dat op zijn rekening was ontvangen, belastbaar mocht zijn. Het Hof overwoog dat het loonbeslag niet betekent dat het pensioen niet door belanghebbende is genoten, en sloot zich aan bij de rechtbank. Belanghebbende bracht geen nieuwe feiten aan die tot een ander oordeel konden leiden.
Het Hof bevestigde de uitspraak van de Rechtbank en wees erop dat belanghebbende bij betalingsproblemen een betalingsregeling kan aanvragen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en er werden geen proceskosten aan partijen opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting 2016 wordt bevestigd op basis van het volledige pensioenbedrag.