Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 29 september 2020
mr. R. Mons q.q.,
[geïntimeerde] ,
De verdere loop van het geding
De verdere beoordeling van het hoger beroep
Beslissing
in zoverre opnieuw rechtdoende:
Gerechtshof Den Haag
In deze civiele procedure in hoger beroep stond de schadevergoeding centraal die was toegekend wegens de levering van een ondeugdelijke luchtbevochtigingsinstallatie door Fouragehandel B.V. aan de wederpartij. Het hof bevestigde het eerdere oordeel dat een schadevergoeding van € 100.362,60 inclusief btw toekomt, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de dagvaarding in eerste aanleg.
Daarnaast werd de vraag behandeld of de kosten van de partijdeskundige van de wederpartij voor vergoeding in aanmerking kwamen. Het hof paste de dubbele redelijkheidstoets toe, waarbij zowel de aanleiding als de omvang van de kosten redelijk moeten zijn. Het hof oordeelde dat de late aanlevering van essentiële gegevens door de wederpartij en het inschakelen van twee partijdeskundigen onnodige kosten veroorzaakten die niet volledig op de curator verhaald kunnen worden.
Daarom werd een bedrag van € 10.000 aan buitengerechtelijke kosten toegekend, lager dan gevorderd. Het hof vernietigde het eerdere vonnis voor zover de schadevergoeding over de periode mei 2000 tot augustus 2002 was afgewezen en veroordeelde de curator tot betaling van de schadevergoeding en de buitengerechtelijke kosten. Tevens werd de curator veroordeeld in de kosten van het geding in zowel het principale als het incidentele hoger beroep.
Uitkomst: Het hof veroordeelt de curator tot betaling van € 100.362,60 schadevergoeding en € 10.000 aan buitengerechtelijke kosten, en vernietigt het vonnis voor zover schadevergoeding eerder was afgewezen.