Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.[appellante 1] ,
1.Het geding
2.De vaststaande feiten
2.De procedure in eerste aanleg
als erfpachter.
van overpaduit te oefenen. [appellante 1 c.s.] heeft deze erfdienstbaarheid van overpad door verkrijgende verjaring verkregen. Uit de gestelde bezitsdaden volgt naar het oordeel van de rechtbank echter niet ondubbelzinnig dat ook een erfdienstbaarheid
van opslaan van zakenwerd uitgeoefend. Het mogen opslaan van goederen op het desbetreffende pad kon evengoed gebaseerd zijn op een persoonlijk recht van de rechtsvoorganger(s) van [appellante 1] c.s.
4.Het geschil in hoger beroep
5.De beoordeling van het hoger beroep
achterafaan het feitelijk handelen van de inbreukmaker wordt gegeven. Het betoog van Quooker – dat alleen ziet op die juridische kwalificatie en niet op de manier waarop [appellante 1 c.s.] de feitelijke macht over het pad hebben uitgeoefend – faalt om die reden
herinner ik me nog goed de bijzondere vermenging van zakelijk en privé bij dit bedrijf. Met name het tuintje aan de achterzijde van het bedrijfspand, waar de was te drogen hing en het privé bootje was gestald. Dit terreintje was bereikbaar door een deur aan de achterzijde van de showroom maar ook buitenom via de oprit aan de zijkant van het pand. Het diende dan ook als eventuele vluchtweg. Bij mooi weer werd hier achter het bedrijf thee gedronken en zelfs gebarbecued.”