Uitspraak
Gerechtshof Den Haag
Arrest
[verdachte],
BESLISSING
spreekt de verdachtedaarvan
vrij.
Gerechtshof Den Haag
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor medeplegen van afpersing met geweld tegen een maaltijdbezorger in Rotterdam op 22 november 2018. De rechtbank had verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van vijftien maanden, waarvan vijf voorwaardelijk. In hoger beroep heeft het hof het vonnis vernietigd en verdachte vrijgesproken.
Het hof oordeelde dat verdachte weliswaar geld had opgeraapt dat door een medeverdachte onder bedreiging was buitgemaakt, maar dat niet buiten redelijke twijfel kon worden vastgesteld dat verdachte al vóór het oprapen van het geld opzettelijk betrokken was bij de afpersing. Het enkele feit dat verdachte zich niet distantieerde en het geld opruimde, was onvoldoende bewijs voor medeplegen.
De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding werd eveneens afgewezen omdat verdachte werd vrijgesproken en de benadeelde partij niet-ontvankelijk werd verklaard. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en sprak verdachte vrij van het tenlastegelegde.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van medeplegen beroving wegens onvoldoende bewijs van betrokkenheid vóór het oprapen van het geld.