Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 8 december 2020
[appellant] ,
Gemeente Dordrecht,
Het verdere geding
Beoordeling van het hoger beroep
principaal hoger beroepheeft [appellant] , na eiswijziging, gevorderd het bestreden vonnis te vernietigen en opnieuw rechtdoende de Gemeente te veroordelen aan [appellant] te betalen een bedrag van € 82.943,56, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 maart 2018 tot en met de dag van algehele voldoening, althans een door het hof in goede justitie vast te stellen schadevergoeding, met veroordeling van de Gemeente in de proceskosten in beide instanties.
incidenteel hoger beroepheeft de Gemeente gevorderd het bestreden vonnis gedeeltelijk te vernietigen conform de daartegen aangevoerde grieven in incidenteel appel en opnieuw rechtdoende de vorderingen van [appellant] af te wijzen, met veroordeling van [appellant] in de kosten van de procedure in het incidenteel appel, waaronder begrepen de nakosten, vermeerderd met rente.