ECLI:NL:GHDHA:2021:2534
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen na correctie loonheffing en inkomen
Belanghebbende heeft voor het jaar 2016 aangifte gedaan met een belastbaar inkomen uit werk en woning van €43.200 en een bedrag van €15.656 aan ingehouden loonheffing. De Inspecteur ontving renseignementen waaruit bleek dat belanghebbende €1.319 meer inkomen had genoten en dat de ingehouden loonheffing €934 lager was dan opgegeven.
De Inspecteur stelde de aanslag definitief vast op een belastbaar inkomen van €44.519 en verrekende een loonheffing van €14.722, wat resulteerde in een te betalen bedrag van €1.584 plus €117 belastingrente. De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond en wees de klacht over privacyschending af, omdat de aangifte tot de gedingstukken behoort.
In hoger beroep betoogde belanghebbende dat de aanslag onjuist was, dat haar privacy was geschonden en dat de renseignementen niet gebruikt mochten worden. Het hof oordeelde dat de renseignementen geoorloofd bewijs vormen, dat de privacy niet is geschonden en dat de aanslag correct is vastgesteld. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
De Inspecteur hoeft de proceskosten niet te vergoeden. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad binnen zes weken na verzending.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt dat de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen 2016 correct is vastgesteld en verklaart het hoger beroep ongegrond.