Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Arrest d.d. 2 februari 2021
[appellant],
[geïntimeerde],
Het geding
Beoordeling van het hoger beroep
“Totaal excl. 143.000 (…)”met iets kleiner er schuin boven
“60%”.
de standvan het werk correct is weergegeven in het rapport van ZNEB en dat [appellant] in totaal € 62.234,50 aan [geïntimeerde] heeft betaald. Op grond van artikel 7:767 BW Pro kan [appellant] slechts worden verplicht tot het doen van betalingen die (bij benadering) overeenstemmen met de voortgang van de bouw. Het teveel betaalde geldt als onverschuldigd betaald.
de waardevan het door [geïntimeerde] verrichte werk is. In dat verband is allereerst in geschil wat het uitgangspunt moet zijn bij de bepaling van die waarde:
voortzettingvan de bouw en niet voor de veiligheid van de
bestaandeconstructie
.De bij memorie van grieven (prod. 3) overgelegde verklaring van constructeur Willemse dat het weghalen van de stempels onverantwoordelijk was, onderbouwt het standpunt van [appellant] niet omdat [appellant] ten onrechte aan deze constructeur had geschreven dat [geïntimeerde] álle stempels had weggehaald. De verklaring van de constructeur is daarom gebaseerd op onjuiste informatie en reeds daarom niet bruikbaar. Van een tekortkoming van [geïntimeerde] is derhalve niet gebleken. Grief 5 van [appellant] faalt.