Uitspraak
Gerechtshof Den Haag
Arrest
[verdachte],
hij op of omstreeks 26 maart 2013 te Achthuizen, gemeente Goeree-Overflakkee, opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad (in een pand aan [pleegplaats]) ongeveer 50, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
hij op of omstreeks 26 maart 2013 te Achthuizen, gemeente Goeree-Overflakkee, opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 43,46 gram, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
“Er wordt gezegd dat cliënt lid is van een motorclub, maar om dan de lijn door te trekken dat hij bij [motorclub 1] is geweest gaat echt een stap te ver. Er zijn veel meer leden van de [motorclub 1].” De rechter-commissaris heeft dit verzoek tot onmiddellijke invrijheidstelling afgewezen en gemotiveerd geoordeeld dat de aanhouding en de inverzekeringstelling rechtmatig waren.
hij op 26 maart 2013 te Achthuizen, gemeente Goeree-Overflakkee, opzettelijk heeft geteeld (in een pand aan [straatnaam]) 50, hennepplanten, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
hij op 26 maart 2013 te Achthuizen, gemeente Goeree-Overflakkee, opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 43,46 gram hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II.
BESLISSING
geldboetevan
€ 600,00 (zeshonderd euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
12 (twaalf) dagen hechtenis.
€ 450,00 (vierhonderdvijftig euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
9 (negen) dagen hechtenis, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
1 (één) jaaraan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
mr. I.E. de Vries en mr. E.C. van Veen, in bijzijn van de griffiers mr. C.B. Jans en mr. R. van Eekeres.