ECLI:NL:GHDHA:2022:1330
Gerechtshof Den Haag
- Beschikking
- E.A. Mink
- J.A. van Kempen
- A.S. Mertens - Jong
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing ontslag mentor in mentorschapszaak
De moeder van betrokkene verzocht de rechtbank om ontslag van de mentor, haar halfzus, en wilde zelf of een medewerker van de zorginstelling als mentor benoemd zien. De rechtbank wees dit verzoek af en het hof bekrachtigt deze beslissing. Betrokkene, die in een zorginstelling verblijft, werd niet gehoord omdat het hof oordeelde dat hij door zijn ernstige geestelijke stoornis niet in staat is zijn mening te vormen.
De moeder wil dat betrokkene met haar naar Curaçao verhuist, maar het hof acht dit niet in zijn belang vanwege het verlies van zijn vertrouwde omgeving en verminderd contact met familie. De mentor onderhoudt goed contact met de zorginstelling en familieleden en behartigt de belangen van betrokkene naar het oordeel van het hof adequaat.
Het hof concludeert dat de moeder haar standpunt onvoldoende met relevante stukken heeft onderbouwd en dat er geen gewichtige redenen zijn om de mentor te ontslaan. De proceskosten in hoger beroep worden gecompenseerd en ieder draagt zijn eigen kosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst het verzoek tot ontslag van de mentor af wegens ontbreken van gewichtige redenen en het niet in het belang zijn van een verhuizing naar Curaçao.