ECLI:NL:GHDHA:2022:1776
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WOZ-waarde ondanks aanwezigheid afvalcontainers voor woning
Belanghebbende is eigenaar en bewoner van een twee-onder-een-kapwoning met een inhoud van circa 684 m3 en een perceel van ongeveer 400 m2. De WOZ-waarde werd vastgesteld op €568.000 op peildatum 1 januari 2019. Belanghebbende voerde aan dat de aanwezigheid van twee ondergrondse afvalcontainers voor de deur geur-, geluids- en verkeersoverlast veroorzaakt, wat een waardedrukkend effect zou hebben.
De Rechtbank en het Gerechtshof oordeelden dat de Heffingsambtenaar de WOZ-waarde aannemelijk heeft onderbouwd met verkoopgegevens van vergelijkbare woningen, waarbij een ten onrechte toegepaste correctie van 25% op de kubieke meterprijs werd besproken. De woning is na aankoop in 2017 gerenoveerd, waardoor de staat bovengemiddeld is, en de correctie leidt tot een voordeel voor belanghebbende.
Het Hof stelde vast dat de overlast door afvalcontainers subjectief wordt ervaren en niet leidt tot een objectief waardedrukkend effect dat de WOZ-waarde zou moeten verlagen. De systematiek van de Wet WOZ is gebaseerd op een objectieve marktwaarde, waarbij afvalcontainers algemeen voorkomen en niet leiden tot lagere verkoopprijzen in de omgeving.
Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de WOZ-waarde bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van €568.000 wordt bevestigd.